Kleding met een beperkte houdbaarheid
De mondiale modereus H&M heeft zijn logistiek geheel onder controle. Dat is noodzakelijk in een branche die sneller beweegt dan de meeste andere.
H
et is ’s ochtends vroeg. De zon verwarmt de straten nog maar net, de cafés zijn nog gesloten en slechts enkelen zijn al op weg naar hun werk. Om half zeven haalt Bengt-Olov Carlbom bij de terminal van het transportbedrijf Green Cargo de eerste container met kleding op, die is verpakt in dozen of opgehangen aan hangers. Green Cargo is verantwoordelijk voor alle transporten van de mondiale mode-reus H&M van en naar de winkels in thuisland Zweden. En dat zijn er nogal wat. De grotere H&M-winkels krijgen verschillende leveringen per dag. Bengt-Olov Carlbom rijdt zijn gebruikelijke ochtendronde naar enkele winkels in het centrum van Gothenburg en eentje er net buiten. Nu staat zijn Volvo FM9 in een van de straten van het centrum en spiegelt zich in de etalageruit. Bengt-Olov loopt snel heen en weer tussen de wagen en de winkel, terwijl hij stapels kratten voortduwt. Twee winkelhulpen dragen witte, katoenen handschoenen om de nieuwe kleding niet vuil te maken. Ze nemen de kleding in ontvangst en beginnen meteen met uitpakken en weghangen.
“Alle goederen moeten binnen een bepaalde tijd op hun plek zijn”, zegt Bengt-Olov. “Dus wij moeten ook op tijd komen.”
H&M is flink gegroeid de laatste jaren. Momenteel heeft het bedrijf 1.500 winkels in 28 landen. De grootste markt is Duitsland, gevolgd door Groot-Brittannië en Zweden. H&M heeft eigen magazijnen en winkels, en meer dan 100 eigen ontwerpers voor het uitbrengen van de diverse collecties. Het vervoer en de fabricage worden ingekocht.
Er wordt wel gezegd dat één van de geheimen achter het grote succes van H&M het effectieve logistieke systeem is. Elk jaar worden in een continue stroom miljoenen goederen getransporteerd die centraal worden beheerd vanuit het hoofdkantoor in Stockholm. De mix van goederen wordt afgestemd op de vraag van de klant in de betreffende markt, en ook de grootte van de winkels bepaalt hoe het assortiment wordt verdeeld. Kleding met een hoog modieus gehalte wordt bijvoorbeeld beperkt aangeboden en wellicht alleen in de grote steden verkocht, terwijl moderne basiskleding in grotere volumes wordt besteld en over meer winkels wordt verspreid. Het komt er dus op aan snel te reageren als een kledingstuk onverwacht goed loopt, of juist slecht.
“Tegenwoordig blijft een brood langer in de winkel liggen dan een kledingstuk”, zegt Per Isacsson van Green Cargo, Fashion Logistics. Onze grootste uitdaging is de tijd. Bij het aanvullen van goederen moet kleding die de ene dag is verkocht, de volgende dag alweer beschikbaar zijn. Bij nieuwe goederen is er iets meer speelruimte, en bij campagnes gaan grote volumes in korte tijd de deur uit.
Green Cargo werkt met gecombineerde transporten per trein en vrachtwagen, wat meer flexibiliteit geeft. Alles verloopt met wissellaadbakken die eenvoudig kunnen worden overgezet van trein naar vrachtwagen en andersom.
Info Green Cargo
Green Cargo verricht transporten per trein en vrachtwagen. Het bedrijf heeft een 30-tal terminals en logistieke centra, en ruim 3.000 medewerkers in Scandinavië en de rest van Europa. Green Cargo Fashion Logistics is verantwoordelijk voor bijna een kwart van de distributie van alle confectiekleding in Zweden.
“We moeten onze inzet optimaliseren en afstemmen op de stroom. Op een dag in het hoogseizoen vervoeren we soms 400 procent meer dan in het laagseizoen”, zegt Per Isacsson.
Nadat Bengt-Olov Carlbom de dagelijkse portie kleding, accessoires, make-up en andere goederen in de winkel heeft afgeleverd, moet hij nog de lege plastic kratten en hangers mee terug nemen. In totaal gaat zelfs 30 procent van het geleverde volume weer mee terug. Hij stapelt de lege emballage op en rolt die naar de vrachtwagen.
Enkele jaren geleden werd veel wegwerpkarton en -plastic gebruikt. Nu worden er herbruikbare kratten en hoezen van kunststof toegepast. Alle hangers, behalve een paar speciale soorten die meerdere keren kunnen worden gebruikt, worden vermalen. Vervolgens worden daarvan weer nieuwe hangers of andere kunststofartikelen gemaakt. Elk jaar wordt er bij Green Cargo zo’n 12.000 m³ aan hangers verbruikt.
Milieukwesties staan hoog op de agenda, zowel bij H&M als bij het transportbedrijf Green Cargo. De confectie-industrie is opiniegevoelig en dat is een reden waarom H&M eist dat alle leveranciers hun activiteiten steeds milieuvriendelijk uitvoeren. Als de consument wil dat kleding wordt vervaardigd met minimale belasting voor klimaat en milieu, van het kleuren van stoffen tot het vervoeren van de eindproducten, dan doet H&M dat. De laatste jaren heeft H&M de betrouwbaarheid van transportbedrijven beoordeeld op basis van een aantal milieufactoren. Sinds 2005 geldt onder andere dat alle voertuigen die worden aangeschaft, moeten voldoen aan de eisen voor Euro 3, of US 98. Minstens 50 procent van alle chauffeurs moet een theoretische en praktische scholing in zuinig rijden hebben gevolgd.
“Bij het plannen van nieuwe ritten bespreken we wat de diverse alternatieven betekenen in termen van kilo’s kooldioxide”, vertelt Per Isacsson. We hebben concrete doelen die moeten worden gehaald en al onze wagens moeten besparend zijn. We moeten naderhand kunnen aantonen dat we hebben gereden zoals we hadden uitgedacht.
Bengt-Olov Carlbom is klaar om naar de volgende winkel te gaan. Hij tekent de noodzakelijke papieren en praat wat met de winkelhulpen. Een van de redenen dat hij zijn werk leuk vindt, is dat hij zoveel mensen ontmoet. Het is 28 jaar geleden dat hij zijn eigen vervoersbedrijf startte en hij heeft steeds kleding vervoerd, de laatste jaren voor Green Cargo. “Het is zo’n beetje een niche geworden”, vertelt hij.
“Ik heb in de loop der jaren 9 wagens gehad, allemaal Volvo’s”, zegt hij. “Dat pakte goed uit voor mij. Ik leerde de mensen in de werkplaatsen kennen en kreeg altijd goede service.”
Het is duidelijk dat Bengt-Olov Carlbom weg is van zijn vrachtwagen. Die is bijna overdreven goed verzorgd. De lak blinkt en de cabine is opgeruimd, alles ligt op zijn plek en de blauwe pluchen zittingen zijn schoon en netjes. Maar wat Bengt-Olov nog het meest waardeert is de I-Shift.
“Daar ben ik zeer tevreden over. Die is super! Daardoor kan ik mij concentreren op andere dingen dan schakelen.
Het is soms lastig manoeuvreren door de smalle straatjes in de binnenstad.” Het scheelt ook veel dat de truck van Bengt-Olov is voorzien van een stuurbare achteras. Ook is hij zeer tevreden over een oplossing die hij zelf heeft bedacht, samen met zijn carrosseriebouwer:
“Een uitschuifbaar, hydraulisch containerframe. Daardoor is het heel simpel om containers van verschillende lengten te gebruiken.”
Achtentwintig jaar in dezelfde branche: is uw interesse in kleding hierdoor toegenomen?
“Eigenlijk wel wat. Mijn vrouw vraagt soms of er nog iets moois is uitgekomen, en dan kan ik bijvoorbeeld vertellen welke kleuren in zijn. Ja, kleding is steeds interessanter geworden.” ■